Verhalen van betekenis (38 verhalen)

Mensen vertellen verhalen. Zo geven we betekenis aan onszelf en de wereld om ons heen.

Over de laatste levensfase wordt niet altijd gemakkelijk gesproken. Wat gebeurt daar eigenlijk? Welke ervaringen zijn er?

Op de verhalenbank komen verhalen van patiënten, naasten, professionals en vrijwilligers samen. De verhalen geven een inkijkje in de unieke en soms ook rauwe werkelijkheid van de laatste levensfase.

Voor zorgverleners zijn de verhalen een bron van inspiratie en reflectie, voor anderen bieden de verhalen erkenning of herkenning, troost of de aanzet tot een betekenisvol gesprek.

 

De namen die in de verhalen worden gebruikt, zijn om privacyredenen gefingeerd.

Filter verhalen

Verteld door
Locatie
Type zorg
Over
  • Meer opties...
Zorg voor
Periode

‘Als ik door was gegaan zonder de hulp, was het niet goed gegaan.’

Het duurt soms tijden, voordat mensen de zorg van vrijwilligers inroepen. Mantelzorgers hebben dan al een hele zware periode achter de rug. Een echtgenoot er niet meer zijn voor zijn vrouw, tot er hulp kwam van een vrijwilliger. “Ik vond dat een heel mooi moment. Hij is bij haar gaan zitten met een stoel en heeft haar hand vastgehouden.”
Lees verder

Zij wilden de laatste nachten samen doen, zonder zorgverleners

Het kan zwaar zijn voor de cliënten om elke dag hulpverleners om zich heen te hebben. Deze cliënt wacht met de euthanasie tot zijn zoon uit Amerika is gekomen en wil de laatste paar dagen alleen met zijn geliefden zijn. “Al die hulpverleners altijd over de vloer. Overdag komen er wel vijf of zes keer hulpverleners en dan komt er voor de nacht nog wat. Ze zijn bijna nooit samen.”
Lees verder

“Ik als wildvreemde heb dus de laatste nacht van die man hier op aarde doorgebracht.”

Bij euthanasie is het bekend wanneer het de laatste nacht is. Deze vrijwilliger begrijpt niet hoe de naasten ervoor kunnen kiezen om die nacht te gaan slapen en de cliënt met de vrijwilliger alleen te laten. “En ik als wildvreemde heb dus de laatste nacht van die man hier op aarde doorgebracht.”
Lees verder

Ik voelde jaloezie

Als vrijwilliger geef je aandacht aan de cliënten en hun naasten. Geliefden kunnen daar verdriet van hebben, omdat ze zelf de aandacht niet meer aan elkaar kunnen geven. “Dan komt er zo’n wildvreemde kerel, waar zijn vrouw daar dan maar zo een leuk gesprek mee heeft. Ik voelde de frictie.”
Lees verder

‘Wat doe ik hier?’

Een schoolvoorbeeld van ‘Er zijn’. De vrijwilliger zat de hele nacht op een stoel toe te kijken hoe een naaste voor de cliënt zorgde. Hij voelde zich nutteloos, maar achteraf bleek: “Deze zwager had een bepaalde emotionele band met zijn schoonzus. Hij wilde er ook wel bij zijn, maar had het zonder mijn aanwezigheid niet aangedurfd.”
Lees verder

Een boekje met vragen

Als gasten doof worden, wordt communicatie steeds lastiger. In het hospice gaven de vrijwilligers een boekje aan haar zoon. Er ontstond een nieuwe, waardevolle manier van communiceren. “En toen heb ik een soort van dagboekje bijgehouden met vragen die ik aan haar had of dingen die ik had meegemaakt of heb beleefd. En dan liet ik het haar lezen.”
Lees verder

Hij begon helemaal te ontdooien

Als je bij iemand thuiskomt als vrijwilliger, kan het zijn dat je je in eerste instantie helemaal niet welkom voelt. Hoe ga je daarmee om en hoe weet je de situatie dan toch zo prettig mogelijk te maken? In het volgende verhaal wist de vrijwilliger er zijn eigen draai aan te geven. “Toen ik daar zat, dacht ik aan mijn eigen vader. Ook een eigenwijze boer, die dan niets wil en dan gewoon heel stellig is.”
Lees verder

Vechtend en scheldend ten onder

Deze vrijwilliger gunt iedereen een rustig en vredig einde, ook voor de naasten. In het volgende verhaal wordt duidelijk dat dat niet altijd vanzelfsprekend is. “Zij had met iedereen ruzie. En zij had zussen die bij haar waren. Maar oh, daar heb ik wel een poosje last van gehad. Misschien ook omdat ze nog zo jong was en dat je dan vechtend en scheldend ten onder moet gaan. Want ze is al vloekend dood gegaan. Dat is toch erg?”
Lees verder

  1. 1
  2. 2
  3. 3
  4. 4