Dan móet je wel gaan bidden

De gast is het centrum van de aandacht voor deze vrijwilliger. Ook als hij ineens wordt gevraagd iets te doen, waarbij hij zich ongemakkelijk voelt. “En dan kan je niet meer weglopen. Dus dan moet je wel meedoen.”


“Er was een Indonesische man die zwaar katholiek was. En hij kreeg op het eind van zijn leven een sterke neiging tot het bidden tot Maria. En ik had weleens met hem gepraat dat ik zelf uit een katholiek nest kom. Maar hij zat zo in dat geloof, hij wilde dan samen met mij gaan bidden. Ja, en dan moet je toch een toneelstuk op gaan voeren. Dat moet je dan ook in een flits bedenken. Ja, ik kan hem ook niet teleurstellen om te zeggen: ‘Ja, dat ga ik dus niet doen. Ik ga mijn collega halen.’ Dus ik kon ook niet anders. En dan voel je je zo ongemakkelijk en zo eigenlijk gepiepeld. Maar je kan ook die kamer niet meer uit, dus je moet wel mee gaan bidden.

Ik vind het helemaal geen punt om het over welk onderwerp dan ook met iemand te praten. Maar als je dan iemand dus zegt van: ‘Wilt u met mij gaan bidden?’ Want hij kreeg op een gegeven moment een soort van geloofsmanie. Waar dat nou vandaan kwam, ik zou het niet weten. Maar goed, dan kom je op die kamer en dan weet hij: ‘Oh, dit is iemand die ook het Weesgegroet kent, dus daar kan ik mee gaan bidden.’ En dan kan je niet meer weglopen. Dus dan móet je wel meedoen. En dan moest ik eerst nog diep nadenken over hoe ook al weer die tekst was, maar daar kom je dan wel uit. En dat zijn van die momenten dat je in een soort knelsituatie komt. Je kunt er geen afstand meer van nemen. En het centrum van de aandacht is natuurlijk toch die gast. Want hij is er en het is zijn laatste stukje. Ik ben dus gewoon mee gaan bidden.

Dat ik het flauwekul vond om het te doen en ik geen keuze meer had om daar een eigen invulling aan te geven. Dus je wordt gewoon voor het blok gezet omdat hij volop in dat geloof bezig was. En eigenlijk was je een soort uitverkorene dat hij met jou wilde bidden. En dan heb je dat maar te doen. Ik zag bij hem geen uitweg om het niet te doen. Daar had ik niet de reactiesnelheid voor. En dat heeft er ook mee te maken dat je er echt voor iemand bent. Dus als je echt open minded binnenkomt bij een gast op een kamer, dan is je enige focus die gast. Dus als die met een vraag komt, dan ben je in principe geneigd om daar positief op te antwoorden. Alleen als het een onverwachte vraag is, dan kan het weleens zijn van: ‘Goh, wat overkomt mij nu.’ En dat was hier ook het geval. Ik kan mij wel herinneren dat ik daar helemaal geen antwoord op had, dus ik ben maar met hem gaan bidden. ”

Over de schrijver

Deze vrijwilliger van het hospice had nog nooit in de zorg gewerkt en was eigenlijk op zoek naar vrijwilligerswerk in de culturele sector. Bij toeval kwam hij bij het hospice terecht en daar voelt hij zich helemaal op zijn plek.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Uw reactie verschijnt na goedkeuring door onze redactie. U ontvangt een mail als uw reactie is geplaatst.