Een boekje met vragen

Als gasten doof  worden, wordt communicatie steeds lastiger. In het hospice gaven de vrijwilligers een boekje aan haar zoon. Er ontstond een nieuwe, waardevolle manier van communiceren. “En toen heb ik een soort van dagboekje bijgehouden met vragen die ik aan haar had of dingen die ik had meegemaakt of heb beleefd. En dan liet ik het haar lezen.”


“Mijn moeder is hier nu precies vier weken geleden opgenomen omdat ze kankercellen had bij de gal, lever en lymfeklieren. Dit was operatief niet meer te verwijderen. Alleen maar een chemotherapie, maar daar zag ze vanaf. Ze wou graag naar een hospice omdat ze erg moe was en ook geen eetlust meer had. Dus vandaar dat ze hiernaartoe kwam. Mijn moeder gaat vandaag naar het uitvaartcentrum en daar blijft ze tot en met vrijdag want dan is de begrafenis.

Ik was elke dag aanwezig in het hospice. Ik sliep in de flat van mijn moeder, een paar minuten hier vandaan. Dus dat was voor mij gemakkelijk. Ze wilde ook hier naartoe omdat ze dan haar huisarts kon behouden. En wij hadden heel veel goede dingen gehoord over dit hospice, dus het was ook een logische stap dat ze hier naartoe ging.

Mijn moeder was niet echt veeleisend, ze wou niet veel meer. Ze wou ook niet eten. Of je ging het een beetje aandringen, dat ze af en toe wat druifjes nam of wat yoghurt. Ze dronk wel water want dat lichaam bleef er om vragen. Ja, en ze keken genoeg naar haar om, maar ze sliep erg veel. Heel veel. Af en toe was ze een beetje wakker, maar omdat ze erg doof was konden we eigenlijk alleen communiceren met geschreven woord. Dus ze was niet echt een veeleisende patiënt of gast.

Iedereen was even lief voor haar. Ze gingen heel liefdevol met haar om en vroegen haar heel veel. Bijvoorbeeld of ze nog iets wilde hebben. En ook vaak op papier. Op een gegeven moment kregen wij zo’n boekje. Toen zeiden ze van: ‘Hier kun je dingen opschrijven.’ En toen heb ik een soort van dagboekje bijgehouden met vragen die ik aan haar had of dingen die ik had meegemaakt of heb beleefd. En dan liet ik het haar lezen. Zodat ze toch een beetje op de hoogte was van wat ik deed en van wie ze de groeten kreeg van mensen die ik buiten het hospice had gesproken. En de vrijwilligers gingen uiteindelijk ook schrijven. Dan gingen ze vragen opschrijven van: ‘Wat wil je? Wil je nog wat eten of wil je dit of dat?’

Alleen op een gegeven moment, de laatste weken, was mijn moeder al zover heen dat ze haar ogen nog af en toe opendeed en dan keek ze even. Maar ze reageerde ook niet altijd. Het ging allemaal erg rustig bij haar. Mijn moeder wachtte gewoon op het einde. Dat heeft ze ook gezegd. Ze heeft gezegd: ‘Ik hoop dat ik gewoon een keer niet wakker word.’ Ze was er klaar mee. Ze is 84 geworden en ze vindt dat ze een mooi leven heeft gehad.”

Over de schrijver

Hij zit een beetje voorovergebogen, uitkijkend over de tuin van het hospice.  Zijn moeder blijkt de dag daarvoor rustig te zijn gestorven. Na dag in dag uit in het hospice aanwezig te zijn geweest, zal dit een van de laatste keren zijn dat hij hier is. Hij vertelt over zijn ervaring.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Uw reactie verschijnt na goedkeuring door onze redactie. U ontvangt een mail als uw reactie is geplaatst.